Nieuwsbericht toevoegen Agenda-item toevoegen

Ds. Hoekstra-Olthof ‘Onaantastbaar’

Geschreven op

Ds. Dora Hoekstra-Olthof, protestants predikant in De Hoeksteen in Capelle a/d IJssel, schreef onderstaande overweging op de site van de protestantse kerk in Capelle a/d IJssel.

Waar denken jullie aan bij een burcht? Aan een middeleeuws kasteel, met hoektorens en een ophaalbrug? Het beeld van de Bijbelschrijvers zal anders zijn geweest. Toch spreken ook zij van burchten en van sterke torens.

Zoals in Psalm 46. Bij deze psalm denk ik onvermijdelijk aan mijn vader en mijn oudste zoon. Mijn vader zong vaak uit volle borst mee in de kerk. Van de berijmde Psalm 46 gingen vooral het dreigen en krijgen met van die heerlijke uithalen gepaard. Ik zat veilig naast hem, in gedachten hoor ik hem nog. Toen ik later zelf moeder was, kwam op een dag mijn oudste zoon bij me in de keuken. Hij had een psalmvers geleerd! Daar stond hij dapper te zingen: al staat geen berg meer vast, al dreigen de zeeën de overhand te krijgen, laat schuimend al hun golven slaan, wij zien het zonder vrezen aan. ‘Zou je echt niet bang zijn?’ Hij keek me verbaasd aan, hij had geen idee wat hij nu werkelijk zong.

Zo gaat dat, en dat is mooi; dat we liederen leren zingen, of Bijbelteksten lezen die ons op dat moment niet zoveel zeggen. Maar het is goed om ze in voorraad te hebben. Voor het moment dat die onvermijdelijke golven van het leven komen.

Vandaag luisterde ik in mijn stille tijd naar Psalm 46. (Op de site van de PKN bij meditatieoefeningen zijn alle psalmen ingesproken) Ik probeer deze overbekende Psalm met nieuwe oren te beluisteren; wat springt eruit? Daar sta ik bij stil: de Heer van de hemelse machten is met ons, onze burcht is de God van Jakob. God geeft dus niet ergens een schuilplaats, God is zelf die burcht. Allerlei beelden komen bij mij op: zoals die Middeleeuwse burcht waar je over de brug naar binnen kunt gaan om dan omsloten te worden door de muren. Als een klein en nietig mensje binnen zo’n imposant gebouw waar je tegenop kijkt. Maar het gebouw biedt ook veiligheid. Er kan mij niets gebeuren. O nee? Is dat zo? Ik kan corona krijgen, mensen die me dierbaar zijn kunnen mij ook ontvallen, de economie kan nog verder instorten en wat allemaal nog meer? Hoe veilig zijn we in deze wereld?

En dan keert die zin weer terug: onze burcht is de God van Jakob. Jakob? Dat is die man die ook de golven van het leven over zich heen kreeg. Die midden in de nood die ladder zag, God bleek daar ineens aanwezig te zijn terwijl hij het zelf niet beseft had. Zo’n burcht is ons de God van Jakob.
Het doet ook denken aan de tekst uit Spreuken: de Naam van de Heer is een sterke toren. Wie daar heen rent is veilig. Onaantastbaar, zegt een vorige vertaling.

Waarvoor dan? Al kauwend (dat is mediteren) op deze teksten proef je de rust. God biedt veiligheid. De vrede en rust die van zijn Aanwezigheid uitgaan worden niet verstoord door de omstandigheden als we bij Hem schuilen. Het vertrouwen is er en mag groeien: dat Hij trouw blijft en het werk van zijn hand zal voltooien. Het leven komt terecht, de wereld komt terecht. Dat vertrouwen ontvangen we als we schuilen bij de Heer; het maakt ons in feite onaantastbaar, zelfs wanneer ons van alles overkomt. We zijn er tegen bestand. De uitdaging is wel iedere dag om die burcht op te zoeken, naar die toren te rennen om de rust te ontvangen.

Bron: www.protestantsegemeentecapelle.nl

Naar het overzicht