Nieuwsbericht toevoegen Agenda-item toevoegen

Ds. Marien Kollenstaart ‘de kerk is barbaars’

Geschreven op

Ds. Marien Kollenstaart, predikant in de Kerk in Nesselande, schreef onderstaande meditatie voor de website van de Kerk in Nesselande (KiN).

‘Bedrieg elkaar niet, nu u de oude mens en zijn leefwijze afgelegd hebt en de nieuwe mens hebt aangetrokken, die steeds vernieuwd wordt naar het beeld van zijn schepper en zo tot inzicht komt. Dan is er geen sprake meer van Grieken of Joden, besnedenen of onbesnedenen, barbaren, Skythen, slaven of vrijen, maar dan is Christus alles in allen.’ (Colossenzen 3:9-11) ‘Barbaar!’ Tegenwoordig is dat geen populair scheldwoord. Je doet er ook niemand meer pijn mee. We gebruiken het nog in een samenstelling. Zo voel ik me een behoorlijke cultuurbarbaar, omdat ik niet van klassieke muziek houd en nooit een opera, theater of museumbezoek (ja, ook al voor de corona). In de tijd van Paulus was ‘barbaar’ een echt pijnlijk scheldwoord voor vreemdelingen. Mijn kinderen worden vanwege hun huidskleur weleens uitgescholden voor k*t-Marokkaan of het n-woord (mijn dochter vindt het vreselijk als ik het woord waarmee donkere mensen vaak worden uitgescholden helemaal uitschrijf, dus houd ik me daaraan).

Zoiets betekende barbaar ook in de Griekse cultuur: alles wat vreemdelingen uitspraken, klonk in hun oren als ‘barbarbarbar’. Vandaar dat ze barbaren werden genoemd. ‘Skyth’ was een overtreffende trap van barbaar. Oorspronkelijk waren Scythen inwoners van het Scytische Rijk, een Noord-Iraans volk. Vanwege hun agressieve veroveringstochten werd ‘Scyth’ synoniem voor de wilde, brute, ongemanierde, gevaarlijke buitenlander. Waren barbaren onverstaanbaar, Scythen onuitstaanbaar. En nu hadden de Joodse en met name Griekse gelovigen in Kolosse een probleem. Want diezelfde verachtelijke en gevaarlijke vreemdelingen, die ze eigenlijk terug naar hun land wensten, kwamen naar hun kerk toe. Zaten naast hen aan het avondmaal. Jodenen Grieken hadden het al moeilijk genoeg om elkaar te accepteren, laat staan ook nog dat min migrantenvolk. Maar Paulus zegt dat ze gelijk zijn. Jood, Griek, slaaf, heer, autochtoon, allochtoon. Geboren Kolossens en nieuwe Kolossens.

Paulus zegt dit niet alleen omdat hij sociaal, ruimdenkend, links is. Hij onderbouwt dit theologisch: diversiteit, pluriformiteit, veelkleurigheid hoort bij de nieuwe mens. Maar wacht even? De nieuwe mens is toch je nieuwe leven als christen na je bekering en doop? Ja, dat ook. Maar hier betrekt Paulus het op de gemeente: die is de nieuwe mens. Wat is er zo nieuw aan de mens? Niet alleen dat ze niet meer liegt, regeert wordt door hebzucht of egoïstisch is. Maar ook dat ze niet meer racistisch is. De nieuwe mens is een gemeenschap van allerlei pluimage, waarbij religieuze, sociale én raciale verschillen worden opgeheven. Want iedereen mag bij de Schepper horen. Hoe veelkleuriger, ook qua huidskleur, hoe meer we op de Schepper lijken, zegt Paulus. Wie zijn de hedendaagse barbaren –en nee, dan bedoel ik niet de cultuurbarbaren zoals ik. Welke bevolkingsgroepen kan jij wel ‘skieten’? Wie ontbreken er nog in onze kerkdienst en activiteiten? Elke keer als er een kleurtje of categorie bij onze gemeente komt, komt er meer van Christus bij ons en weerspiegelen we beter het gezicht van de Schepper.

 

Naar het overzicht