Nieuwsbericht toevoegen Agenda-item toevoegen

Ds. Rob van der Plicht ‘Want God herschept en ziet’

Geschreven op

Ds. Rob van der Plicht, predikant van de Moordrechtse gemeente De Stroom, schreef onderstaande overweging voor de nieuwste uitgave van hun kerkblad Onderweg.

Aan het begin van de lock down een jaar geleden, schreef de Italiaanse Irene Velta een gedicht onder de titel ‘Het was 11 maart 2020’ naar aanleiding van de coronasituatie toen in Italië. Wij hadden in Nederland toen nog niet echt met corona te maken. Susan Blanco heeft dit gedicht later herschreven. Daar heb ik weer een aangepast versie van gemaakt die ik een jaar geleden in een kerkdienst heb gelezen. We zijn nu een jaar verder. En gebruikmakend van het ‘oude’ gedicht weer een aangepaste versie hieronder. Het is inmiddels de lente van 2021. We zijn al ruim een jaar in de ban van corona. En we kijken nog even terug op de lente van een jaar geleden, om ook weer vooruit te kijken.

Maart 2020...  
De straten waren leeg, de meeste winkels gesloten, de mensen kwamen bijna niet meer buiten en over de hele wereld gingen landen op slot. Kinderen en jongeren kregen online les. Mensen moesten vanuit huis gaan werken. Er was ineens niet genoeg ruimte voor iedereen in ziekenhuizen … operaties en onderzoeken werden uitgesteld. Elkaar omhelzen of een hand geven was ineens een bedreiging. Iedereen moest afstand tot elkaar bewaren. Allerlei leuke dingen gingen niet meer door en niemand wist wanneer dat weer kon.
Het was heel onwerkelijk, ook al wist iedereen wat er aan de hand was.

Maar de lente wist het niet, de bloemen bleven bloeien.
De zon scheen…De eerste mooie lentedag sinds lange tijd brak aan.
Mensen lieten hun fantasie de vrije loop en verveling ontsproot in creativiteit.
Mensen kregen oog voor eenzaamheid en verzonnen dingen om er iets aan te doen.
De overheid ging bedrijven en zelfstandigen helpen zodat ze niet failliet zouden gaan.
En zo ging het verder. Een heel jaar lang. Versoepelingen en beperkingen volgden elkaar op.

Het werd zomer, herfst en winter. En toen werd het weer lente. De lente van 2021. De Magnolia stond weer in de knop en even later rijk in bloei, de vogeltjes begonnen aan hun nestjes. Ondanks de avondklok werd het weer later donker en 's ochtends kwam het licht vroeg door de ramen. Er werd inmiddels druk gevaccineerd. Geëxperimenteerd. En ook al was er een grote druk op de ziekenhuizen en lagen Ic’s weer vol, er was hoop, er kwam perspectief.

Maar de lente wist het niet,
de bloemen bleven bloeien, de bomen liepen uit,
en het werd steeds warmer.
En toen, ondanks alles, ondanks het virus, ondanks de angst, ondanks de zorgen,
kwam de zomer.

De lente wist het niet. Maar het leven gaat door zoals de seizoenen doorgaan. Nog verborgen tot het uitkomt. Zoals de pit in de appelboom, de bloem in de bol, zoals de lente ondergronds in de koude van de winter groeit, zo gaat het leven verder. Maar nog belangrijker: zo ziet God naar de Schepping om. Nog verborgen tot het uitkomt.

Daarom: de lente van 2021, zij wist en weet het niet. Net zomin als de lente van 2020. Maar wat wij wel mogen en kunnen weten, waar wij met zekerheid op mogen vertrouwen: na de lente komt de zomer. Want God herschept en ziet.

In de bloembol is de krokus, in de pit de appelboom,

in de pop huist een belofte: vlinders fladderen straks rond.

In de koude van de winter groeit de lente ondergronds,

nog verborgen tot het uitkomt, God ziet naar de schepping om. 

Elke stilte kent zijn zingen, zoekt een woord en melodie,

ieder duister wacht een morgen, in dat licht is alles nieuw.

Het verleden bergt de toekomst, wat die brengt, je weet het niet,

nog verborgen tot het uitkomt, God alleen herschept en ziet. 

Uit het Liedboek, Lied 982, de verzen 1 en 2

 

 

Naar het overzicht