Nieuwsbericht toevoegen Agenda-item toevoegen

Rinus Klein ‘Het gebed van Jabes’

Geschreven op

Rinus Klein, scriba van de hervormde gemeente in Zevenhuizen schreef onderstaande column voor het laatst verschenen kerkblad van de Dorpskerk.

Jabes stond in hoger aanzien dan zijn broers. Zijn moeder had hem Jabes genoemd, ‘want’, zei ze, ‘ik heb hem in pijn gebaard.’ Jabes bad tot de God van Israël: ‘Zegen mij: maak mijn grondgebied groot en bescherm me tegen kwaad, zodat ik geen pijn hoef te lijden.’ God gaf hem wat hij had gevraagd. (1Kron. 4: 9 en 10, NBV-2004) In het oude testament, in 1Kronieken staat een heel bijzonder gebed: “het gebed van Jabes” genoemd. Het staat min of meer verstopt tussen een hele reeks geslachtregisters.

Rijen met namen, die je als bijbellezer snel geneigd bent om over te slaan. Bij ons vroeger thuis, bij het Bijbellezen aan tafel door mijn vader, werd dat ook daadwerkelijk overgeslagen……’al die moeilijke namen!’ Vermoedelijk is dat de oorzaak, dat ‘het gebed van Jabes’ bij velen onbekend is. Wie was Jabes? Alles wat over Jabes bekend is, staat in de 2 geciteerde verzen. Dat lijkt niet veel, of toch wel? Een vader van Jabes wordt in het geslachtsregister niet genoemd. Dat zal betekenen, dat er geen vader was. Jabes komt dus uit een één ouder gezin. Zijn moeder zegt dat Jabes ‘in pijn gebaard is’. Dat zal niet alleen op de bevalling betrekking hebben: Jabes betekent: “iemand die ellende veroorzaakt”. Dat klinkt allemaal niet zo positief. Toch stond hij in hoger aanzien dan zijn broers, lezen we. Was hij een soort richter? Hoe dat nu precies zit, daar moeten we naar raden. Het gebed van Jabes Als je snel leest, lijkt het gebed van Jabes op het opnoemen van een verlanglijstje (met wel hele grote wensen!) en tot je verbazing verhoort God het nog ook! In die zin lijkt het toch wel veel op onze gebeden: vaak komen we in ons gebed toch ook niet veel verder, dan het opnoemen van ons wensenlijstje.

Maar wacht eens: als je iets dieper kijkt, ziet het gebed van Jabes er heel anders uit. Hij begint zijn gebed met: “Zegen mij.” In de NBG1951 vertaling staat het (zelfs) zo: “Wil mij toch overvloedig zegenen” Dat is geen inleiding op het noemen van een verlanglijstje; dat is een vast vertrouwen in God, die zijn onbeperkte rijkdom en goedheid beschikbaar heeft voor zijn mensen. Jabes vraagt om overvloedig gezegend te worden. Wij zijn uit een soort bescheidenheid vaak geneigd om God kleine dingen te vragen. Op zich is dat niet verkeerd, bescheidenheid siert de mens, nietwaar. Toch eer je God, als je Hem ook grote dingen durft te vragen. Jabes erkende Gods grootheid en eerde Hem juist door om overvloed te vragen. Dat moet God gewaardeerd hebben, want……Jabes kreeg het! Jezus zegt ergens: “Vraag maar”, maar veel gelovigen vinden dat toch onbehoorlijk om te doen.

Jacobus zegt tegen zulke bescheiden gelovigen: “……U krijgt niets omdat u niet bidt” (Jacobus 4:2) God wil gebeden (gevraagd) zijn (worden) We geloven dat God almachtig is en dat Hij weet wat we nodig hebben. Toch wil God dat we er om vragen, er om bidden. Een oud Joods verhaal geeft dat op een hele bijzondere wijze aan: De oude rabbi Levi komt te overlijden en zoals alle oude rabbi’s gaat rabbi Levi naar de hemel. Bij de hemelpoort staat de engel Gabriel om hem welkom te heten: “Welkom rabbi Levi, we wisten dat je er aan kwam.” Gabriel laat hem de hemel zien, om rabbi Levi een beetje wegwijs te maken. In die rondleiding komen ze bij hele grote voorraadloodsen, die tjokvol spullen staan, zowel materiele dingen, als immateriële zaken. Maar alle dingen die daar staan hebben één ding gemeen: op alles is een sticker geplakt met daarop de tekst: “voor rabbi Levi”. In opperste verbazing vraagt rabbi Levi aan Gabriel: “Die rabbi Levi op die stickers, ben ik dat?” Gabriel knikt van ja. Rabbi Levi vraagt wederom aan Gabriel: “Zijn/waren al die spullen voor mij bedoeld?” Weer knikt Gabriel van ja. “Maar waarom heb ik die dan nooit gekregen” vraagt rabbi Levi dringend aan Gabriel. “Omdat je er nooit om hebt gevraagd” antwoordt Gabriel.

Naar het overzicht