Boerenwormkruid brengt rust
Boerenwormkruid (Tanacetum vulgare) is een overblijvende plant uit de composietenfamilie. In het grootste deel van Europa en het noordelijke deel van Azië komt boerenwormkruid op veel plaatsen van nature voor. De botanische naam Tanacetum is vermoedelijk afgeleid van het Oudgriekse woord 'athanasia' dat 'onsterfelijk' betekent. Het heeft deze naam waarschijnlijk te danken aan het feit dat de bloemen niet makkelijk verwelken en lang hun gele kleur behouden. In de geneeskunde wordt boerenwormkruidlotion toepassing bij schurft. Wat boerenwormkruid in de schoenen geplaatst zou helpen tegen chronische koorts. Het wordt verder gebruikt tegen onder andere artritus en verkoudheid. Het kruid werd vroeger gebruikt tegen overlast gevende plaagdieren zoals muggen, mieren, vlooien en wormen. Het werd onder andere bij keukendeuren geplant, in slaapkamers in tuiltjes gehangen (tegen vliegen en muggen) of in kippenhokken gehangen (tegen bloedluis).
De plant komt niet rechtstreeks voor in de Bijbel maar de gele knopjes en de sterke geur worden in christelijke zin gezien als een teken van innerlijke rust en de standvastigheid van Gods waarheid. In Joodse tradities wordt de plant wel gerekend tot de categorie van 'bittere kruiden' (uit Exodus 12:8) die herinneren aan de bitterheid van de slavernij en de uittocht. Innerlijke rust is geen opgedane techniek of het uitblijven van problemen, maar een geschenk van vrede. Die vrede vind je niet door controle te houden, maar door je zorgen los te laten en te rusten in Gods aanwezigheid. David zegt in Psalm 62 zegt: “Alleen bij God vindt mijn ziel haar rust, van hem komt mijn redding.” Het woord alleen is bepalend: niet God plus mens geeft zekerheid, maar God alleen. Dat is volgens mij het geheim van Davids innerlijke vrede die als een refrein door heel de Psalm klinkt. Het nodigt ons uit om ook deze overgave te beoefenen.