De Prachtkaars dooft niet
De Prachtkaars (Oenothera lindheimeri) is een plantensoort uit de Onagraceaefamilie. Het is tweejarige plant met grote, wollige bladeren en hoge aren vol gele bloemen die een dramatisch accent vormen in borders en wilde tuinen. De plant is uitheems maar inmiddels verwilderd in Nederland. Het is een laatbloeier want de bloemen verschijnen pas juni-september in dichte aren en openen van onder naar boven. Deze sierplant groeit graag op een zonnige plek en kan goed tegen droogte. Niet vreemd gezien zijn Noord-Afrikaanse afkomst. Het is een kortlevende plant, die slechts enkele jaren waardevol blijft. Door de plant tijdig uit te zaaien of anderszins te verjongen voorkomt u dat er gaten in uw tuin vallen.
Hoewel de Prachtkaars als bloem niet direct in de Bijbel voorkomt heeft de plant betekenis gekregen door haar Nederlandse naam en het specifieke uiterlijk. De individuele bloemen van de prachtkaars lijken sterk op fladderende vlinders symbool de opstanding en transformatie. Net zoals een rups via een schijndood in een cocon verandert in een prachtige vlinder, zo staat de vlinder symbool voor de verrijzenis van Jezus en het eeuwige leven voor gelovigen. In de Bijbel staat de kaars/lamp symbool voor de aanwezigheid van Jezus Christus, die het Licht der wereld is. In Exodus lezen we over het gebruikt van kandelaren in de tabernakel. Een massief gouden, zevenarmige lampenstandaard met amandelvormige versieringen die door Betsalel werd gemaakt en brandde in het Heilige van de tabernakel. Waar de zeven armen staan voor goddelijk licht, wijsheid en de aanwezigheid van God. Ook in de tempel van Salomo (1 Koningen 7) stonden tien vergulde lampenstandaards “met gouden bloemversieringen, gouden lampen en gouden snuiters”. Deze waren speciaal voor de tempel van Salomo gemaakt. Zacharia 4 sprak er ook over: „Wat zie je?’ vroeg hij, en ik antwoordde: ‘Ik zie een lampenstandaard die helemaal van goud is, met een schaal erop, en op die schaal zijn zeven lampen bevestigd, zeven lampen met elk zeven tuitjes.” Het beeld dat God Zacharia laat zien is de herbouw van de tempel. In die zin ging het licht dus niet uit. God is trouw Hij blijft trouw aan Zijn volk. Hij geeft ze niet op.