De Ratelaar appelleert
De Ratelaar (Rhinanthus) is een geslacht uit de bremraapfamilie (Orobanchaceae). De bloemen zijn plat en geel. Ze bestaat uit twee lippen, waarvan de bovenste lip aan weerskanten een blauwe tand heeft. De kelk is rond en ook vrij plat. Het zaad is rond en bruin en heeft rondom een vliezige rand. Wanneer de plant is uitgebloeid maken de zaden binnen de verdroogde kelkbladen bij beweging een rammelend geluid. Daar ontleent de plant zijn naam aan. De Ratelaar is eenjarig en de zaden zijn slechts kiemkrachtig tot het volgend voorjaar. Dat heeft als gevolg dat wanneer de planten, door bijvoorbeeld een verkeerd maaibeheer niet tot zaad aanmaak komen, de planten in één jaar uit een terrein kunnen zijn verdwenen.
De Ratelaar is een halfparasiet d.w.z. in de winter groeit wortel al uit en gaat op zoek naar de wortels van andere planten zoals gras of klaver. De plant boort deze aan en haalt hier een gedeelte van zijn noodzakelijke voeding. Zo heeft het in minder rijke omstandigheden een concurrentievoordeel op die andere planten, die het door toedoen van ratelaar weer moeilijker hebben. Dat de plant gras parasiteert heeft hem populair gemaakt bij natuurbeheerders. Het dringt het gras nog wat verder terug, waardoor er meer plaats is voor andere soorten. Zo worden bepaalde orchideeën opvallend vaak vergezeld door deze plant. Bovendien worden ratelaars vanwege hun bloei zelf ook gewaardeerd en kunnen ze, wanneer ze massaal voorkomen, een grasland geel kleuren. Ze worden ook door veel insecten bezocht.
De Ratelaar wordt niet direct in de Bijbel genoemd maar staat in de christelijke symboliek voor morele waakzaamheid, vanwege het specifieke geluid dat de zaden in de uitgebloeide kelk maken. De rammelende zaden van de plant worden in geestelijke zin gezien als een 'wake-up call' of het waarschuwen tegen de wind der leer. De hele Bijbel door lezen we oproepen om waakzaam te zijn. Lucas 21 zegt: “Want plotseling zal hij komen over allen die waar ook op aarde wonen. Wees waakzaam en bid onophoudelijk om te ontkomen aan de dingen die gebeuren gaan en om voor de Mensenzoon te kunnen verschijnen.” Dit lezend vraag ik me af ben ik nu zo alert? Ben ik klaar voor Zijn bevrijdende komt? En doe ik daar alles voor? Maar dan denkend aan de Ratelaar die zijn wortels boort in die van het gras om daar water en mineralen uit op te nemen mogen wij ook gevoed 'gevoed' worden door Hem, in plaats van op eigen kracht te vertrouwen. Dat troost mij enorm en geeft rust.