Nieuwsbericht toevoegen Overdenking toevoegen Agenda-item toevoegen

De Teunisbloem geeft hoop

De Teunisbloem (Oenothera) is een geslacht van zo'n 160 soorten uit de teunisbloemfamilie (Onagraceae). De soorten komen van nature voor in Zuid- en Noord-Amerika, maar zijn ondertussen ingevoerd en ingeburgerd in veel landen. De Nederlandse naam teunisbloem is afgeleid van Sint Antonius van Padua, omdat de plant bloeit vanaf diens gedenkdag (13 juni). De planten bloeien van eind juni tot midden november. De zaden van de meeste soorten rijpen van augustus tot oktober. De zaaddoos bevat circa tweehonderd zaadjes waaruit een olie kan worden gewonnen. Veel soorten zijn nachtbloeiers en hebben de gewoonte de bloemen 's avonds in de schemering te openen. De knoppen ontvouwen zich in enkele minuten tot bloemen. De volgende dag verwelken ze, maar 's avonds gaan weer nieuwe bloemen open, zo wekenlang. Ze worden door nachtactieve insecten bestoven. Teunisbloemen zijn echte pioniersplanten, net als de Klaproos (De klaproos bied troost met Pinksteren), zij koloniseren als eerste kale stukken grond waar andere soorten het moeite hebben om zich te handhaven.

De Teunisbloem  wordt niet direct in de Bijbel genoemd maar staat in de christelijke symboliek symbool voor hoop, geloof en wedergeboorte. Omdat de teunisbloem zich pas opent wanneer de zon ondergaat en 's nachts bloeit, staat ze symbool voor Gods aanwezigheid en schoonheid in moeilijke, donkere tijden. Ze symboliseert hoop die doorbreekt wanneer de omstandigheden het zwaarst zijn. Psalm 139 zegt: “Als ik naar de hemel zou gaan – U bent daar. Als ik naar het dodenrijk zou afdalen – U bent daar óók." God is er altijd bij in elke situatie op elke plaats en daarnaast onze toevlucht en sterkte zegt Psalm 46. In deze Psalm benadrukt David eens te meer dat troost en moed alleen bij Hem te vinden is. Los van onze omstandigheden en dat vertrouwen in God sterker is dan angst voor aardse ontwrichtingen.

 

 

Naar het overzicht