Het Heelblaadje is doorn in het vlees
Heelblaadje (Pulicaria dysenterica) is een plant die tot de composietenfamilie (Asteraceae) behoort. De plant werd vroeger gebruikt werd ter bestrijding van dysenterie, vandaar de soortaanduiding dysenterica. De plant komt van nature voor in Nederland. De plant wordt 60-90 cm hoog en verspreidt zich zowel generatief (zaad) als vegetatief (wortelstokken). Heelblaadjes bloeien van juli tot september met dooiergele buisbloemen. De plant komt voor op in duinvalleien en graslanden, langs sloten en beken. De naam 'heelblaadje' en de Latijnse soortnaam dysenterica verwijzen naar het historische volksgeloof dat de plant wonden kon helen en ziekten kon genezen.
Heelblaadje wordt niet met name genoemd in de Bijbel zelf. Wel heeft het kruid in de christelijke traditie een symbolische en geneeskrachtige betekenis gekregen via de middeleeuwse heiligenverering. In Frankrijk draagt de plant de volksnaam Herbe de St. Roche (Sint-Rochuskruid). Sint-Rochus was een middeleeuwse pelgrim die zieken en in het bijzonder pestlijders verzorgde. Binnen de christelijke plantensymboliek staat het kruid door de koppeling met Rochus symbool voor heelmaking, zorg voor zieken en barmhartigheid. De Bijbel neemt ziekte en handicaps serieus en ziet hierin wel de gebrokenheid van deze wereld. Er is geen belofte dat elke gelovige hier genezen wordt zoals Paulus aan der lijve ondervond toe hij zijn "doorn in het vlees" in gebed bracht (2 Korinthe 12:7-9). Wel is er Gods nabijheid, voor ons en voor Paulus: "De HEERE zal hem ondersteunen op het ziekbed" zegt de dichter van Psalm 41. David looft God in Psalm 103 als Degene die zowel zonden vergeeft als krankheden geneest. Dit vers spreekt over lichaam en ziel. Gods zorg strekt zich uit over ons hele mens en de uiteindelijke vervulling wacht bij de opstanding, wanneer alle ziekte voorgoed genezen zal zijn. Gods zorgt voor heel ons lichaam wat een troost!