Peter Versloot 'zorgen'
Peter Versloot is geestelijk verzorger in de Capelse Vijverhof en hij schreef onderstaande overweging voor het kerkblad van de protestantse kerk in Capelle a/d IJssel.
Dit bord hing in het trappenhuis van de oude Vijverhof in Capelle a/d IJssel. In de Herziene Statenvertaling staat: ‘Werp al uw zorgen op Hem, want Hij zorgt voor u.’ Zorgen... Dubbelzinnig woord. In ons leven zijn beide betekenissen aanwezig: ‘je zorgen maken over’ en ‘zorgen voor’.
• Als kind geldt als het goed is: je maakt je geen zorgen; er wordt voor je gezorgd.
• Als tiener maak je je zorgen: over school, werk, de wereld, maar er wordt ook voor je gezorgd.
• Als volwassene moet je ‘zorgen voor’ (partner, kinderen, huis, ouders) en maak je je daar ook wel zorgen over. Er wordt minder voor jou gezorgd, je ‘staat op eigen benen’.
• Als je oud wordt, hoef je minder te ‘zorgen voor’, maar word je steeds afhankelijker van ‘de zorg’ en maak je je soms zorgen over bijv. je familie. Over veel kun je je zorgen maken: wat er speelt in de wereld of in je eigen wereldje. Het heeft vooral betrekking op zaken waar je weinig invloed op hebt. Dat geeft spanning, onzekerheid. Wat levert het op als je je zorgen maakt? Eigenlijk niets. Dan wordt een spannende situatie alleen nog maar spannender. Ook in de Bijbel maken mensen zich zorgen. Het begint al bij Adam en Eva. Als ze het verschil tus sen goed en kwaad leren kennen, dan maken ze zich zorgen over hun naaktheid en hoe ze God on der ogen kunnen komen. Het volk Israël is in de woestijn vaak bezorgd, maar er wordt ook door God voor hen gezorgd. Jezus gaat in Lukas 12 uitgebreid in op ‘zorgen’. Eerst met de gelijkenis van de rijke dwaas: hij heeft zoveel! Maar i.p.v. zorgeloos te leven, gaat hij zich zorgen maken! Hij bouwt grotere schuren!
Wat levert dat op? Niets, hij sterft en kan er niet van ge nieten. Daarna gaat Jezus dieper in op ‘zorgen’. Hij zegt (vers 22-23): ‘Ik zeg jullie: maak je geen zorgen over je leven, over wat je zult eten of drinken, noch over je lichaam, over wat je zult aantrekken. Want het leven is meer dan voedsel en het lichaam meer dan kleding.’ Zo simpel is het vanuit Gods perspectief. In vers 25-26 staat vervolgens: ‘Wie van jullie kan door zich zorgen te maken één dag aan zijn levensduur toevoegen? Als jullie dus zelfs het geringste al niet kunnen, waarom maken jullie je dan zorgen over de rest?’ Klinkt mooi. Maar je zorgen kunnen je aanvliegen, je hebt het leven niet in de hand. Dat weet Jezus ook. Hij zegt liefdevol in vers 30: ‘jullie Vader weet dat je ze nodig hebt.’ Als je vertrouwt op God, dan mag je weten dat er Eén is die het al in handen houdt. In je ‘zorgen van alle dag’ wordt er voor je gezorgd. Is dat geen goedkope boodschap? Werp uw zorgen op Hem, leg ze daar neer? Passiviteit ten top! Nee, het is een oproep om te groeien in de levenskunst om je zorgen aan God te geven. Het vraagt een actieve houding om je zorgen uit handen te kunnen en durven geven in handen van God. Dat vraagt lef, kracht en moed. Als we onze zorgen aan God toe vertrouwen, dan mag dat tot op zekere hoogte ‘on bezorgdheid in de zorgen’ geven. Dat is de waarde volle en liefdevolle zorg die God ons biedt. Dat mag ons leven verlichten. Dan mag je troost, moed, draagkracht, uithoudings- en doorzettingsvermogen, rust en vrede door Gods Geest ontvangen.